Speech
Jennifer Geerlings-Simons  ·  2026-09-12 00:00

Ministerie van LVV verduidelijkt visserijovereenkomst met Venezuela

Following the recent reporting and reactions in society about the fisheries agreement between Suriname and Venezuela, the Ministry of Agriculture, Livestock and Fisheries (LVV) considers it necessary to further inform society.

No new agreement and no 200 new boats

First of all, the ministry emphasizes that no 200 new foreign vessels will be given access to Surinamese waters. These are Venezuelan flagged line fishing vessels that have been active in Surinamese waters for decades, mainly for catching red snapper and mackerel.

This involves updating and re-establishing in legal terms an existing fishing relationship that has been regulated by successive agreements since 1986, the last agreement being that of February 13, 2007. This agreement has not been renewed since then.

The current agreement is therefore not a completely new arrangement, but an updating, tightening and addition of an existing relationship, adapted to contemporary national and international requirements.

No free access to Surinamese waters

Nor does the agreement mean that Venezuelan vessels will have free access to Surinamese waters.

Each vessel must have a Surinamese fishing license and comply with the fishing license conditions set annually by Suriname. Surinamese laws and regulations remain fully applicable.

Surinamese sanctions may be applied for violations, including fines, suspension or revocation of permits and other legal measures.

Just more control and monitoring

The update of the agreement is precisely intended to make fishing more controllable and transparent.

The current framework includes VMS/AIS monitoring, inspections at sea and in port, observers and the exchange of information on vessels, catches, landings and possible IUU fishing.

When monitoring or scientific information gives reason to do so, Suriname also retains the authority to take measures with regard to permits, fishing areas, fishing seasons and other management measures.

The landing takes place centrally at CEVIHAS

The catches must be landed centrally at CEVIHAS NV, or at another government or state port designated by the Minister of LVV. CEVIHAS therefore plays an important role in the receipt, control and handling of these vessels.

The vessels use CEVIHAS facilities and services, including moorings, ice and utilities. This generates income for CEVIHAS and contributes to the economic position of this parastatal company.

After the central landing, the catches are transported to the Surinamese processing companies. Companies are largely dependent on this supply for their business operations, employment and export activities.

Economic chain remains in Suriname

Fishing activities are therefore not exclusively a matter between Venezuela and the individual vessels.

There is an economic chain in which CEVIHAS, Surinamese processing companies, employees, service providers and the export sector are involved. The catches are landed and processed in Suriname, making them an important economic activity for Suriname.

Necessary due to international obligations and export

Legally re-recording the agreement is also necessary to provide a clear legal basis for the activities of Venezuelan vessels in Surinamese waters.

This is also important in the context of the dialogue with the European Commission on IUU fishing. In that context, specific reference has been made to the need for Venezuelan vessels fishing in Surinamese waters to have a clear and valid legal basis and to be subject to an effective control and monitoring system.

The lack of a current agreement carries the risk that these activities will be considered insufficiently regulated from the perspective of international IUU rules. The update of the agreement is therefore an important step to clearly establish the legality of this fishery.

In addition, the agreement is important for the restoration of exports of the fish products in question to the United States. The international market demands more and more certainty about the legality, origin and traceability of fish products. An up-to-date legal basis, effective control and a closed chain of landing and processing are therefore essential.

Sustainable use remains the starting point

The agreement does not affect Suriname's right and responsibility to manage its own fish stocks.

The Venezuelan vessels fish under the conditions set by Suriname and within the measures that Suriname considers necessary for the sustainable use of fish resources.

The basic principle remains: anyone fishing in Surinamese waters must adhere to the Surinamese rules.

It is not about a new fishing agreement that gives 200 new foreign boats access to Surinamese waters. It involves updating and re-establishing in law an existing fishing relationship that has been regulated by successive agreements since 1986, the latest agreement being that of February 13, 2007.

Existing fisheries are now being adapted to today's requirements for licensing, monitoring, control, traceability, sustainability and control of IUU fishing.

The agreement does not give Venezuelan vessels free access or exemption from Surinamese law. On the contrary, it brings existing activity under a clearer and more controllable legal framework.

At the same time, an important economic chain for CEVIHAS, the Surinamese processing companies, employment and exports, including to the United States, is secured.

The aim of this agreement is therefore not less control, but rather more legal clarity, better monitoring, effective enforcement and sustainably regulated fishing.

Notes

Naar aanleiding van de recente berichtgeving en de reacties in de samenleving over de visserijovereenkomst tussen Suriname en Venezuela, acht het ministerie van Landbouw, Veeteelt en Visserij (LVV) het noodzakelijk om de samenleving nader te informeren. Geen nieuwe overeenkomst en geen 200 nieuwe boten Allereerst benadrukt het ministerie dat geen 200 nieuwe buitenlandse vaartuigen toegang krijgen tot de Surinaamse wateren. Het betreft Venezolaanse gevlagde lijnvissersvaartuigen die al tientallen jaren actief zijn in de Surinaamse wateren, voornamelijk voor de vangst van red snapper en makreel. Het gaat om het actualiseren en opnieuw juridisch vastleggen van een bestaande visserijrelatie die door opeenvolgende overeenkomsten sinds 1986 is gereguleerd, met als laatste overeenkomst die van 13 februari 2007. Deze overeenkomst is sindsdien niet meer vernieuwd. De huidige overeenkomst is daarom geen geheel nieuwe regeling, maar een actualisering, aanscherping en aanvulling van een bestaande relatie, aangepast aan de hedendaagse nationale en internationale vereisten. Geen vrije toegang tot Surinaamse wateren De overeenkomst betekent evenmin dat de Venezolaanse vaartuigen vrij toegang krijgen tot de Surinaamse wateren. Elk vaartuig moet beschikken over een Surinaamse visvergunning en voldoen aan de jaarlijks door Suriname vastgestelde visvergunningsvoorwaarden. De Surinaamse wet- en regelgeving blijft volledig van toepassing. Bij overtredingen kunnen Surinaamse sancties worden toegepast, waaronder boetes, schorsing of intrekking van vergunningen en andere wettelijke maatregelen. Juist meer controle en monitoring De actualisering van de overeenkomst is juist bedoeld om de visserij beter controleerbaar en transparanter te maken. Het huidige kader voorziet onder meer in VMS/AIS-monitoring, inspecties op zee en in de haven, waarnemers en de uitwisseling van informatie over vaartuigen, vangsten, landingen en mogelijke IUU-visserij. Wanneer monitoring of wetenschappelijke informatie daartoe aanleiding geeft, behoudt Suriname bovendien de bevoegdheid om maatregelen te nemen ten aanzien van vergunningen, visgebieden, visseizoenen en andere beheersmaatregelen. De aanlanding vindt centraal plaats bij CEVIHAS De vangsten moeten centraal worden aangeland bij CEVIHAS NV, of bij een andere door de minister van LVV aangewezen overheids- of staatshaven. CEVIHAS speelt daarmee een belangrijke rol bij de ontvangst, controle en afhandeling van deze vaartuigen. De vaartuigen maken gebruik van de faciliteiten en diensten van CEVIHAS, waaronder ligplaatsen, ijs en nutsvoorzieningen. Dit genereert inkomsten voor CEVIHAS en draagt bij aan de economische positie van dit parastataal bedrijf. Na de centrale aanlanding worden de vangsten naar de Surinaamse verwerkingsbedrijven vervoerd. Bedrijven zijn voor een belangrijk deel afhankelijk van deze aanvoer voor hun bedrijfsvoering, werkgelegenheid en exportactiviteiten. Economische keten blijft in Suriname De visserijactiviteiten zijn daarmee niet uitsluitend een aangelegenheid tussen Venezuela en de individuele vaartuigen. Er is sprake van een economische keten waarin CEVIHAS, Surinaamse verwerkingsbedrijven, werknemers, dienstverleners en de exportsector betrokken zijn. De vangsten worden in Suriname aangeland en verwerkt en vormen daarmee een belangrijke economische activiteit voor Suriname. Noodzaak vanwege internationale verplichtingen en export Het opnieuw juridisch vastleggen van de overeenkomst is ook noodzakelijk om een duidelijke juridische basis te bieden voor de activiteiten van de Venezolaanse vaartuigen in de Surinaamse wateren. Dit is bovendien van belang in het kader van de dialoog met de Europese Commissie over IUU-visserij. In die context is specifiek gewezen op de noodzaak dat de Venezolaanse vaartuigen die in de Surinaamse wateren vissen over een duidelijke en geldige juridische basis beschikken en onder een effectief systeem van controle en monitoring vallen. Het ontbreken van een actuele overeenkomst brengt het risico met zich mee dat deze activiteiten vanuit het perspectief van internationale IUU-regels als onvoldoende gereguleerd worden beschouwd. De actualisering van de overeenkomst is daarom juist een belangrijke stap om de legaliteit van deze visserij duidelijk vast te leggen. Daarnaast is de overeenkomst van belang voor het herstel van de export van de betreffende visproducten naar de Verenigde Staten. De internationale markt verlangt steeds meer zekerheid over de legaliteit, herkomst en traceerbaarheid van visproducten. Een actuele juridische basis, effectieve controle en een sluitende keten van aanlanding en verwerking zijn daarom essentieel. Duurzame benutting blijft uitgangspunt De overeenkomst doet geen afbreuk aan het recht en de verantwoordelijkheid van Suriname om zijn eigen visbestanden te beheren. De Venezolaanse vaartuigen vissen onder de voorwaarden die Suriname stelt en binnen de maatregelen die Suriname noodzakelijk acht voor een duurzame benutting van de visbestanden. Het uitgangspunt blijft: wie in de Surinaamse wateren vist, moet zich houden aan de Surinaamse regels. Het gaat niet om een nieuwe visserijovereenkomst die 200 nieuwe buitenlandse boten toegang geeft tot de Surinaamse wateren. Het gaat om het actualiseren en opnieuw juridisch vastleggen van een bestaande visserijrelatie die door opeenvolgende overeenkomsten sinds 1986 is gereguleerd, met als laatste overeenkomst die van 13 februari 2007. De bestaande visserij wordt nu aangepast aan de hedendaagse eisen voor vergunningverlening, monitoring, controle, traceerbaarheid, duurzaamheid en bestrijding van IUU-visserij. De overeenkomst geeft de Venezolaanse vaartuigen geen vrije toegang en geen vrijstelling van de Surinaamse wetgeving. Integendeel, zij brengt de bestaande activiteit juist onder een duidelijker en beter controleerbaar juridisch kader. Tegelijkertijd wordt een belangrijke economische keten voor CEVIHAS, de Surinaamse verwerkingsbedrijven, werkgelegenheid en de export, waaronder naar de Verenigde Staten, veiliggesteld. Het doel van deze overeenkomst is daarom niet minder controle, maar juist meer juridische duidelijkheid, betere monitoring, effectieve handhaving en een duurzaam gereguleerde visserij.